Padden vormen een kostbaar stukje fauna van onze wijk. Als zij uit hun winterslaap ontwaken is het meteen tijd voor de voortplanting. Vanuit het bos steken zij de weg over naar het water. Deze verplaatsing van padden naar het water noemen we de paddentrek. De Duinweg boven langs de waterpartij is een van de locaties waar padden oversteken. Andere locaties in Den Haag zijn onder andere de Kwekerijweg en de Pompstationsweg.
Padden zijn kleine amfibieën, net als kikkers. Maar er zijn duidelijke verschillen. Kikkers zijn groen, hebben een natte huid, kunnen springen en maken geluid door te ‘kwaken’. Padden zijn bruin, hebben een droge huid en kruipen. Padden vertonen zich alleen bij avond en nacht. Het zijn kwetsbare beestjes, die bescherming nodig hebben om de soort voldoende in stand te houden. Volgens schattingen zijn er nu ongeveer 40% minder padden die naar het water oversteken dan in 2017. Grootste bedreiging is de mens, wie anders. Als padden op hun route naar het water de weg oversteken lopen zij het risico te worden plat gereden door auto’s. Ook groepen hardlopers kunnen schade aanrichten. Daarom worden wegen afgesloten die de padden moeten oversteken op weg naar het water. De Duinweg is daar een voorbeeld van.
Hulde aan de vrijwilligers van de Dierenbescherming die in het trekseizoen (van tweede helft februari tot half april) iedere avond de slagbomen aan weeszijden van de Duinweg neerlaten om autoverkeer te weren. De volgende ochtend gaan de slagbomen weer tijdig omhoog. De afsluiting van de Duinweg kan niet voorkomen dat er in onze wijk soms toch padden worden overreden, bijvoorbeeld padden die afkomstig zijn uit tuinen in de wijk. Zeker op een avond met vochtig en zacht weer kan het zomaar gebeuren dat je een pad vanuit je tuin ziet kruipen en de straat ziet opgaan, met alle risico’s vandien.
Een weg die afgesloten is voor autoverkeer kent toch nog risico’s voor overstekende padden. Ze moeten namelijk de stoep op kruipen om daarna af te dalen naar de vijvers. Voor sommige padden is het lastig om de stoep op te komen. Zeker voor een ‘tandem’, een vrouwtjespad met een mannetje op haar rug geklemd, kan het zwaar zijn om de hoge stoeprand op te klimmen. Daar kunnen mensen bij helpen. In de Handleiding Paddentrek op de website van de Dierenbescherming staat nuttige informatie.
Als je een pad helpt overzetten moet je voorzichtig zijn. Je kunt een lampje gebruiken om te bepalen of iets bruins op de weg een pad of alleen maar een boomblaadje is. Maar je moet ze nooit met licht op hun (oranje) ogen schijnen. Want dan kunnen ze het eerste halfuur niets zien. Je kunt padden voorzichtig oppakken om ze over te zetten op de stoep. Je kunt natuurlijk ook kijken of de pad zelf in staat is de stoep op te klimmen. Meestal zal dat het geval zijn, soms na meerdere pogingen. Je kunt veilig een pad oppakken met blote handen of met dunne handschoenen. Vrouwtjes zijn groter dan mannetjes. Als je een vrouwtje met een mannetje op de rug oppakt, zal het mannetje uit angst gaan piepen. Je zult bij het overzetten ervaren dat het op je hand overzetten van zo’n koud beestje met een wrattige huid iets vertederends heeft. Vies zijn ze niet, maar je moet na afloop wel je handen wassen.

De bevruchting gebeurt ergens in het water van de vijver op een plek die qua temperatuur en helderheid van het water gunstig is. De volgende nacht gaat het vrouwtje al weer terug het bos in. Let er op dat als een vrouwtje terugkeert je haar niet weer op de stoep richting de vijver zet. De natuur geeft ze aan waar ze heen moeten. De mannetjes blijven vaak nog wat hangen rond de vijver in afwachting van nieuwe paringskansen. Niet zo gek dus dat tegen het eind van het paarseizoen er een overschot aan mannetjes rond de vijver is die vechten om de laatste vrouwtjes.
Positief is dat de gemeente actief bijdraagt aan de overlevingskansen van de padden door op verschillende plekken op de Duinweg een beetje asfalt aan te brengen tussen het wegdek en de stoep, zodat de padden nu schuin omhoog kunnen kruipen. Een ander initiatief is het aanbrengen van trappetjes in rioolputten. Veel padden vallen daarin en overleven dat niet. Met een ingebouwd trappetje kunnen zij eruit klimmen. Het schijnt te werken. Mede door deze maatregelen is Den Haag uitgeroepen tot de padvriendelijkste stad van Nederland. Dat moeten we zo houden door de padden bij hun trek te blijven helpen.
Berend Jan Drijber